
Er is geen beter en overtuigender argument dan dat van de strijd tegen
de ziekte van Alzheimer. Terwijl de juiste oorzaken van deze ziekte
en zeker de manieren om tegen deze te strijden verre van gekend zijn, zijn
de gunstige gevolgen van cognitief stimulerende activiteiten duidelijk
bewezen. Statistiek gezien is het risico voor personen met
een hogere opleiding ongeveer drie keer kleiner dan voor de bevolking in
het algemeen. Dit enorme risicoverschil overtreft de genetische factor
zoals we deze thans kennen.
De personen die de eerder genoemde verschillende cognitief stimulerende
hobby’s hebben behoren tot de kleinste risicogroep.
Het schijnt dat diezelfde factoren die ons beschermen tegen de
schadelijke gevolgen van de cognitieve achteruitgang, afhankelijk
van de leeftijd, eveneens verzwakkende gevolgen van dementie zijn.
Het belangrijkste principe achter al deze factoren is de cognitieve
inspanning.
De redenen van de fysieke conditie van actief cognitieve hersenen
Onder de recente doorbraken in neurologische wetenschappen gingen
meerdere studies over de gezondheid van actieve hersenen.
Allen, zonder uitzondering, leggen het accent op het begrip “gebruikt
of verloren”. Dit begrip is zo dominant geworden dat er goede
redenen zijn om te geloven dat andere ontdekkingen in de toekomst
in deze richting gedaan zullen worden. De lijst met beschikbare studies
is echter overtuigend genoeg.
De actieve hersencellen (neuronen) hebben een belangrijkere bloedtoevoer
nodig dan de inactieve cellen. Dit supplement aan zuurstoftoevoer
samen met verschillende voedende elementen doen hun functie toenemen.
De neuronen zijn bijzonder gevoelig voor een niet aangepaste toevoer
van zuurstof en hun activering is de waarborg dat ze geen zuurstof
tekort zullen komen.
De neiging van de neuronen om dentriten die de hersencellen samenstellen
te ontwikkelen groeit naarmate de activiteit groeit. Bijgevolg ,
des te meer een hersencel actief is, des te meer deze verbanden met
naaste cellen ontwikkelt. Men schat dat één enkel neuron
tot dertigduizend verbanden van dit type kan ontwikkelen. Deze bevindt
zich zo in het midden van een netwerk van extreem ontwikkelde activiteiten.
Het voordeel van aan een netwerk af te hangen is dat de kans om
gestimuleerd te worden door andere eveneens hoger ligt, en zo de
kans op een latere activering verhoogt. De neuronen die, om het even
welke reden, hun activiteit verminderen, hebben de neiging om met
de tijd hun verbinding te verliezen. Het belang van tot een actief
netwerk te behoren is niet overdreven en voor de betreffende cellen
kan dit snel een vraag van leven of dood worden.
Vanaf de adolescentie verliezen onze hersenen elke dag een groot
aantal neuronen. De niet verbonden cellen zijn diegene die reeds
geruime tijd inactief gebleven zijn. Hun verlies heeft dus geen grote
invloed op het leven van de persoon en deze hebben de neiging om
te verdwijnen. Het voordeel van actieve neuronen wordt duidelijk
omschreven door Gerald Edelan in zijn werk over het “Neuronale
Darwinisme”.
Onder de meest recente doorbraken in de neurologische wetenschap
hebben meerdere ontdekkingen betrekking op de gezondheid van actieve
hersenen.
De actieve hersencellen (neuronen) hebben een belangrijkere bloedtoevoer
nodig dan de inactieve cellen. Dit supplement aan zuurstoftoevoer
samen met verschillende voedende elementen doen hun functie toenemen.
- De actieve neuronen verhogen de productie van groeifactoren
van het hersenweefsel (NGF), een stof die bijdraagt tot het behouden
van de neuronen in goede gezondheid. Aangezien sommige hersencellen
vaak nogal oud kunnen zijn, is het constant onderhouden ervan essentieel
voor hun werking. Nogmaals, hoe hoger de cognitieve activiteit,
hoe belangrijker de afscheiding van de NGF.
- Tenslotte, een recente studie toont aan dat, in tegenstelling
tot wat men denkt, de regeneratie van nieuwe hersencellen ons leven
lang gebeurt. De stamcellen ontwikkelen zich in het deel van onze
hersenen genaamd het “zeepaardje” (een zone die aan
de consolidatie van het geheugen hangt) en glijden dan naar de
zone waar ze het meeste nodig zijn om de functie te “versterken”.
Eens ze deze zone bereikt hebben worden ze rijp en leren ze van
de omliggende cellen hoe hun functie te vervullen. Deze plaatselijke
celvorming is een bijzonder opvallend voorbeeld van de slimheid van
de hersenen.
Noteren we eveneens het proces dat begint na een hersenbloeding
of –letsel. Wanneer de persoon de aangetaste zone probeert
te activeren, stimuleert hij een grote productie van nieuwe cellen
die later naar het letsel zullen gaan en mettertijd de verloren functies
terug zullen herstellen.
Nogmaals, de inspanningen om de hersenen tijdens de revalidatieperiode
te activeren is het begin van een reeks evenementen. Het is niet
zeker dat een passief gedrag ten overstaan van het verlies van een
functie dezelfde resultaten zou geven.
Cognitieve
inspanningen bouwen cognitieve reserves.
Het is niet duidelijk bewezen dat een hogere opleiding, een ingewikkelde
professionele omgeving of mentaal stimulerende hobby’s cognitief
ouder worden zonder risico kunnen garanderen. Natuurlijk geldt hetzelfde
voor dementie, waarvoor geen enkele van deze factoren kan garanderen
dat ze deze zullen verhinderen. Daarentegen kunnen ze de ontwikkeling
van voldoende cognitieve reserves toelaten om opduikende problemen
te vertragen.
Wanneer de stamcellen gezond zijn zullen deze de achteruitgang
van de laatste jaren kunnen compenseren. De samenstelling van de
cognitieve reserves wordt bijgevolg een uitstekende investering en
garandeert een cognitieve vitaliteit voor de toekomst.
|